Industry Insight

okt. 2022

Tech zet de wereld van Finance op z'n kop

Cash behoort al bijna tot het verleden en maakt plaats voor plastic en je telefoon. Klassieke banken worden steeds meer een app en crowdfunding is sterk in opmars. Grote financiële spelers hebben de grootste moeite om de digitale versnelling bij te benen en zien daardoor hun voorsprong en marktpositie afzwakken. Maar er zijn niet alleen maar doemscenario’s: “We staan nog maar aan het begin van de mogelijkheden die slimme technologieën ons bieden.”

Digitalisering heeft de financiële wereld de afgelopen jaren flink op zijn kop gezet en zal dat de komende jaren ook blijven doen. Niet alleen de dienstverlening is totaal veranderd, ook het aantal mensen dat binnen deze wereld actief is, is aanzienlijk geslonken en wie er nog werkt, moet beschikken over nieuwe, veelal technologische vaardigheden. 

Van olietanker naar speedboot
Ebbe Negenman, Chief Risk Officer en directielid bij Knab, kan hierover meepraten. Toen hij, als ‘groot believer van vergaande digitalisering’, zo’n tien jaar geleden ‘olietanker’ ABN AMRO inwisselde voor ‘speedboot’ Knab, had hij wereldwijd nog zo’n 160.000 collega’s. Nu werken er bij ABN AMRO nog maar zo’n 22.000 mensen. Dit heeft alles te maken met de impact van digitalisering. 

De overstap naar Knab was voor Negenman een uitgelezen kans. Knab is een volledig IT-gedreven bank. Het idee erachter is: geen kantoren, alleen een app. “Het in de rij staan voor een loket om een financieel product aan te schaffen, vond ik een achterhaald concept. Dat kon sneller en simpeler.” Dat bleek: Dankzij haar digital first strategie, groeide Knab hard en inmiddels telt de bank ruim 300.000 klanten.
Toch ontkomt ook Knab niet aan de wet van de remmende voorsprong en heeft zij al last van legacy. “Wij zijn nog maar tien jaar oud en hebben het nu al over een hart-long-transplantatie voor onze IT-systemen om mee te kunnen blijven doen. Je moet altijd flexibel blijven in een wereld die continu verandert.” 

Einde van de IT-afdeling
Industrie-veteraan Chris Martlew, nu CTO bij LoopingOne, heeft de veranderingen ook altijd op de voet gevolgd. Hij stelt dat bankieren al lang niet meer sec het terrein van de bankier is, net als dat technologie niet meer sec het terrein van de techneut is. Die twee werelden vermengen zich steeds meer met elkaar. 

Inmiddels is menig bank op het punt beland van ‘een IT-bedrijf met een banklicentie’. Ze zullen ook wel moeten; het is de survival of the fittest. Tegenwoordig draait het in finance in de eerste plaats om tech-skills en daarna pas om bankierkennis. Martlew stelt: “IT-kennis verspreidt zich in finance over alle afdelingen van het bedrijf en dit betekent het einde van de IT-afdeling zoals wij die de afgelopen decennia hebben gekend.”

Dure fouten 
Technologie is de levensader van de moderne bank, maar is door de toenemende complexiteit steeds moeilijker te doorgronden voor bestuurders en toezichthouders. Chris Martlew herkent dit, hij vervulde in zijn carrière verschillende fintech-rollen en omschrijft zichzelf gekscherend als ‘tech-nerd met een MBA’. Inmiddels is er volgens Bart Deuss, CEO van YaWorks, grote behoefte aan dit profiel in de financiële wereld. “Om te overleven moet er veel meer tech-vertegenwoordiging komen, zowel op de werkvloer als in de directiekamer. Je hebt mensen nodig die techniek echt begrijpen en dat op een relevante manier aan bankiers kunnen uitleggen. Ze moeten technische zaken begrijpelijk vertalen, zodat de board de juiste beslissingen kan nemen. Een foute keuze over de richting van je digitale strategie is impactvol. De duurste fout die je kan maken is nu het verkeerde IT-pad inslaan.”
Gezien de schaarste aan goede IT-professionals is het daarbij volgens Negenman raadzaam dat banken ook veel meer de samenwerking opzoeken en zaken die niet competitiegevoelig zijn met elkaar gaan delen. Of bepaalde IT-zaken outsourcen aan specialistische bedrijven die hierin slimmer zijn. Negenman: “Je kunt hierbij denken aan Shared Sourcing Centers of Programming Houses. Met de huidige ontwikkelingen is het teveel om alles binnen de bank te kunnen beleggen en dat is ook niet nodig.”

Negenman dacht eerder dat de ‘ouderwetse’ banken snel van het toneel zouden verdwijnen, maar is daar van teruggekomen. De grote spelers zijn er nog steeds, zij het in sterk afgeslankte vorm. De verantwoordelijkheid van banken is ook groot, en consumenten moeten erop kunnen vertrouwen dat zij hun geld op een veilige manier beheren. Dit maakt dat zij van onder tot boven gecontroleerd worden. “De level of entrance voor nieuwe partijen is door alle wet- en regelgeving – ondanks de mogelijkheden die nieuwe technologie biedt – nog steeds hoog. Dat maakt het voor hen extra lastig om toe te treden tot deze markt en leidt ertoe dat de grote spelers stevig in het zadel blijven zitten”. Hierbij wordt het ook voor toezichthouders steeds belangrijker om inhoudelijk echt te begrijpen hoe technologieën werken, om straks de controles nog goed uit te kunnen voeren.
Bovendien bestaat de jongste generatie uit digital natives; een cashloze generatie die een bank kiest op basis van de handigste app en kritisch kijkt naar hoe banken zich opstellen ten opzichte van het milieu. Dit is nóg een reden waarom een digital first strategie bovenaan de agenda van elke bestuurskamer moet staan, want deze generatie gaat snel, die moet je bij kunnen houden om straks niet volledig achterhaald te zijn. 

De nieuwe bank
De Nederlandse IT-infrastructuur is bovengemiddeld goed. Er zit voldoende glasvezel in de grond, we hebben gerenommeerde internetknooppunten en er wordt fors geïnvesteerd in datacenters. Martlew: “In de basis is alles aanwezig om het goed te doen. Als het ergens kan, is het hier wel.”
Negenman ziet de toekomst dan ook rooskleurig in: “Ik denk dat banken en fintechs naast elkaar blijven bestaan. Je IT moet gewoon werken, gebruiksvriendelijkheid staat voorop, daar moet je aan de achterkant voor zorgen. We investeren ook heel veel in service, want mensen en persoonlijk contact met elkaar zijn net zo belangrijk. Uiteindelijk moeten we meebewegen met de eisen die de maatschappij aan ons stelt.”
Volgens Negenman staan we nog maar aan het begin van de mogelijkheden die slimme technologieën ons bieden. “Ik droom ervan dat je straks in een paar tellen een hypotheek kunt afsluiten. Je loopt langs je droomhuis, maakt een foto met je smartphone, ziet meteen de koopprijs, checkt of dit voor jou financieel haalbaar is, waarna je in no-time een smart contract in je bezit hebt. Klinkt goed toch?” De praktische uitvoerbaarheid is helaas een stuk lastiger, weet hij uit ervaring. 

Vooruitschuiven
Deuss herkent de issues die Negenman en Martlew adresseren: “Security heeft externe prikkels die voor momentum zorgen – je kunt geen krant openslaan of het gaat erover. Architectuur-denken kun je vergelijken met het klimaatprobleem: iedereen weet dat er iets moet gebeuren, maar niemand weet precies wat. Iedereen kijkt naar elkaar en blijft het vooruitschuiven, waardoor we - als we niet uitkijken - de ellende over onszelf afroepen. Zowel IT als de boardroom zullen extra inspanningen moeten leveren om elkaar echt te gaan begrijpen.”
Martlew is het hier volledig mee eens. “IT is too important to be left up to the IT department. Elk bedrijf is een IT-bedrijf aan het worden. De auto-industrie maakt tegenwoordig ‘iPads on wheels’. Als je hele bedrijf doordrongen van IT is, dan kun je geen aparte IT afdeling-meer hebben. Zeker de financiële sector moet digital first gaan ademen.”

Deel op